In de Tweede Kamer wordt volop gediscussieerd over de invoering van het rekeningrijden in 2012, de hoogte van het spitstarief etc. SmiLease heeft het onderstaande persbericht uitgegeven. SmiLease vraagt hierbij aandacht voor de forse verhoging van de motorrijtuigenbelasting per 1 januari 2010 van 8,3 %.
Het in 2012 “kostenneutraal” invoeren van het rekeningrijden wordt aanzienlijk eenvoudiger als in de jaren voor 2012 de motorrijtuigenbelasting maximaal verhoogd wordt.
De overheid ziet de automobilist nog steeds als een geweldige melkkoe: per 1 januari 2010 wordt de motorrijtuigenbelasting met 8, 3 % verhoogd. Uit onderzoek van SmiLease blijkt dat inclusief deze verhoging de motorrijtuigenbelasting hierdoor in 3 jaar tijd gestegen is met 27 % !
De verhoging van de motorrijtuigenbelasting is een onderdeel van het plan om over te stappen op de kilometerheffing:
• De BPM (aanschafbelasting) op nieuwe auto’s wordt in jaarlijkse stappen afgebouwd, daar tegenover wordt de motorrijtuigenbelasting ieder jaar verhoogd
• Bij overgang naar de kilometerheffing vervalt de motorrijtuigenbelasting en wordt deze vervangen door de kilometerheffing
• Door de overheid is toegezegd dat de overgang voor de automobilist zonder kostenverhoging plaats zal vinden
De overgang van afbouw van de BPM en verhoging van de motorrijtuigenbelasting verloopt voor de automobilist tot nu toe helaas zeker niet “kostenneutraal”:
Iedere automobilist betaalt de hogere motorrijtuigenbelasting, dit terwijl van de lagere BPM alleen de automobilisten profiteren die in 2008 of 2009 een nieuwe auto gekocht hebben (in 2009 betreft dit maar 5 % van de 7,5 miljoen automobilisten). De overgang kan op een juiste manier verwerkt worden door de verhoging van de motorrijtuigenbelasting alleen toe te passen voor de nieuw gekochte auto’s. Dit is niet moeilijk: naast het gewicht van de auto bepaalt dan ook het bouwjaar de hoogte van de motorrijtuigenbelasting, dit betekent dat er voor al de auto’s t/m bouwjaar 2007 geen verhoging van toepassing hoort te zijn ! Voor auto’s met bouwjaar 2008 bedraagt de opslag vervolgens 8 %, met bouwjaar 2009 wordt de opslag 16 % en met bouwjaar 2010 wordt de opslag 27 %. De overheid beschikt over al de gegevens om op deze manier de overgang juist te verwerken.
Een 2e punt is de relatie tussen de afbouw van de BPM en de verhoging van de motorrijtuigenbelasting. De BPM zou ieder jaar met 5 % afgebouwd worden waardoor nieuwe auto’s goedkoper zouden worden. Door aanpassingen van de berekeningsmethode van de BPM per 1 januari 2010 wordt deze verlaging nagenoeg oncontroleerbaar. Uit vergelijkingen die door SmiLease gemaakt zijn blijkt dat er in veel gevallen géén sprake is van een verlaging, zie de volgende voorbeelden van verhogingen en verlagingen per 1 januari 2010:
• Volkswagen Fox 1.2 Trendline, verhoging BPM € 117
• Volkswagen Polo 1.4 Comfortline, verlaging BPM € 320
• Volkswagen Golf 1.4 Easyline, verhoging BPM € 445
• Volkswagen Golf 1.4 TSI Comfortline, verlaging BPM € 22
• Opel Agila 1.2 Edition, verhoging BPM € 183
• Opel Corsa 1.2 Selection, verlaging BPM € 94
• Opel Astra 1.6 Edition, verhoging BPM € 795
• Opel Zafira 2.2 Cosmo 4-traps automaat, verhoging BPM € 1.893
Bovenstaande verhogingen en verlagingen hebben betrekking op de cataloguswaarden van deze auto’s. Als er vervolgens gekeken wordt naar de BPM die berekend wordt voor de diverse accessoires dan blijkt daar sprake te zijn van verlagingen van ongeveer 25 - 30 %.
De enige manier om vast te stellen of de overheid zich aan de afspraken houdt is het achteraf aan de hand van de inkomsten van het Rijk vaststellen dat de verhoging van de motorrijtuigenbelasting overeenkomt met de doorgevoerde verlaging van de BPM. Hierbij moet de afname van de ontvangen BPM vanzelfsprekend eerst gecorrigeerd worden voor de afname als gevolg van lagere autoverkopen.
SmiLease zal de politiek en automobilisten- en consumentenbelangengroeperingen benaderen, met als doel:
• Het stoppen van de jaarlijkse verhoging van de motorrijtuigenbelasting voor automobilisten die geen voordeel hebben van de lagere BPM (de verhoging moet gekoppeld worden aan het bouwjaar van de auto).
• Het krijgen van een heldere toezegging van minister Eurlings m.b.t. de kostenneutrale overgang van de BPM afbouw naar de verhoging van de motorrijtuigenbelasting. Onderdeel van deze toezegging moet zijn dat te hoge inkomsten van de overheid teruggegeven worden aan de automobilist door een verlaging van de motorrijtuigenbelasting van het volgende jaar.